Overzicht

Geboren: 1963-05-09

Zoek in site

U bent hier: Home Personen Peter Sikkema

Peter Sikkema

Op 8 oktober 2010 heeft Peter Sikkema, ondermeer programmeur bij muziekcentrum De Oosterpoort, de Wessel Gansfortprijs ontvangen van de provincie Groningen. De prijs wordt tweejaarlijks uitgereikt aan een persoon of instelling, die op een bijzondere wijze een impuls heeft gegeven aan het culturele leven in de provincie Groningen. Sikkema (9 mei 1963, Warffum) is er vanzelfsprekend erg blij mee, maar ziet de prijs vooral in samenhang met het positieve popklimaat alhier. Hij noemt het bijzonder dat een relatief kleine stad als Groningen zich (inter)nationaal zo als popstad weet te profileren en is dan ook blij dat hij daarin een rol heeft kunnen spelen.

Jeugd
Terug naar het beginpunt, naar Warffum. In de jaren zeventig speelt de jeugdsoos een belangrijke rol in de muzikale ontwikkeling van de jonge Peter. Niet als muzikant: hij heeft zelf nooit in een band gespeeld. “Het leek me beter om dat niet te doen”, zegt hij. “Ik vond het vooral leuk om te organiseren, om te kijken of je het aanbod in dat soort dorpen naar een hoog niveau kon brengen.” Al op zijn 14e begint hij bandjes te boeken voor de plaatselijke jeugdsoos Sjelter. Schoolfeesten en festivals zoals Pluupop in Winsum volgen later. Dat doet hij samen met een aantal mensen, met wisselend succes; tegenover uitverkochte concerten (ca. 500 bezoekers) staan de concerten waar 60, 70 man komt. Zoiets organiseren blijkt ook lastig in dunbevolkt gebied.

Toch zijn de lokale jeugdsozen in de jaren zeventig heel actief. Winsum lijkt een voorbeeldfunktie te vervullen: iedere maand vindt daar een groot concert plaats dat bijna altijd wel uitverkocht is. Zo’n provinciaal popcircuit is nu grotendeels verdwenen, maar zou volgens Sikkema zeker gestimuleerd kunnen, en moeten worden. Hij ziet daarin een rol weggelegd voor POPGroningen, de nieuwe provinciale popkoepel.

(Inter)nationale acts
Dat destijds niet alleen lokale acts worden geboekt blijkt uit de voorbeelden: onder anderen Raymond van het Groenewoud, Herman Brood en de Tröckener Kecks komen naar Warffum. Op Pluupop Winsum staan ook grote acts, maar dat loopt uiteindelijk helaas verkeerd af. Het optreden van Elvis Costello gaat op het laatste moment niet door, waardoor Pluupop na 2 jaar met behoorlijke financiële tekorten afsluit. “De vrijwilligers moesten voor de plantsoenendienst van de gemeente Winsum iedere zaterdag schoffelen, om zo de schuld weer weg te werken!”

Buro Gogo
Na de middelbare school vertrekt Sikkema naar Groningen. Omdat hij wordt uitgeloot voor de studie Journalistiek legt hij zich volledig toe op het boeken van bands, om te beginnen met AA & the Doctors. In 1986 zet hij boekingskantoor Buro Gogo op, dat nog steeds bestaat. Met André Pronk boekt hij voor een breed segment aan bands: AA & The Doctors, Crimes of Nature, Boegies, Thud!, Ygdrassil, Moonlizards en later Jammah Tammah. Het team wordt na verloop van tijd uitgebreid met Peter Smidt, Anita Sikkema en later ook Herman Nijhuis.
De lokale muziekscene doet het op dat moment goed, dus is er behoefte aan boekers. “Ik ging naast het boeken van optredens vaak mee met bands . Als boeker, als manager, t-shirts verkopen, chauffeur zijn, ik deed van alles. Superleuk om te doen, veel plekken gezien en veel mensen leren kennen.”

Op pad binnen en buiten de grenzen
Voor Gogo is Nederland de basis, maar er wordt ook over de grens gekeken. De muziek van de Moonlizards doet het eind jaren tachtig internationaal heel goed, dus regelt Buro Gogo een tour door heel Europa als support act van The Spermbirds.

Hij koestert veel mooie herinneringen aan de bands bij Gogo. Neem bijvoorbeeld de Boegies. “Boegies was altijd een feest, we kwamen bijvoorbeeld eens voor een optreden in Berlijn. Daar waren we in KOB, een soort krakerscafé. Ze hadden een goeie (promo)foto en die foto had het volgens hen gedaan. Kortom: Volle bak! De muur was net gevallen in Berlijn. Het pand was een soort oude winkel met een etalage aan de voorkant en door het raam zag je ’s avonds van die hele oude Oost-Duitse busjes vol met mensen erin en ook mensen tegen de muur en tegen de ramen geplakt. Dat zag er fantastisch uit!”
“Vaak ging er aardig wat drank in natuurlijk. Daar stonden de Boegies ook wel bekend om…onderweg slootje springen…superleuk om met hen op pad te zijn.”

Zo’n tour is een intensieve onderneming. “Je zit samen in een busje, je trekt veel met elkaar op. Ik heb ook eens met een bandje door heel Duitsland getourd, twee weken lang. Dan maak je elkaar ook op een andere manier mee met natuurlijk wat ruzies en ook de gekste dingen.” Bijvoorbeeld voedselvergiftigingen. “We reden met de Nozems ’s nachts van Stuttgart naar Nederland, uiteindelijk stonden 6 van de 7 mensen op een rijtje te kotsen. Zo heftig! We zijn minimaal een week behoorlijk ziek geweest. Als ik daar nog aan terugdenk…! Maar ik heb nooit twijfels gehad over mijn werk, ook niet op dat soort momenten!”

Nieuwe wegen
Via het werk voor Buro Gogo raakt Sikkema betrokken bij Noorderslag, een op dat moment relatief nieuw festival. In eerste instantie regelt hij er optredens voor bands uit de eigen stal, vanaf 1991 werkt hij zelf in de organisatie. Ook voor het Bevrijdingsfestival in Groningen doet hij al sinds 1993 de programmering.

Een paar jaar later krijgt hij een prachtig aanbod: of hij geen zin heeft het stokje van programmeur bij de Oosterpoort over te nemen. Peter Smidt, voormalig collega bij Buro Gogo en op dat moment programmeur bij de Oosterpoort, was gevraagd om bij Stichting Conamus (tegenwoordig onder de naam Buma Cultuur) te komen werken.  “Op dat moment bestonden de Boegies niet meer. Ook de zaken voor een aantal andere acts waar ik veel tijd in had gestoken liepen behoorlijk terug. Ik besloot toen te vertrekken. Als er iets was wat ik nog wilde doen, dan was dit het wel. En ik zit er nog steeds!”

Hoogte- en dieptepunten
Met zo’n lange staat van dienst in de muziekwereld bouw je onvermijdelijk een waslijst aan hoogtepunten op. En soms ook dieptepunten. “Concerten met belachelijk weinig bezoekers. Dat je door de grond gaat, te genant voor woorden. Maar die vergeet je gelukkig ook weer snel.”
Dat geldt gelukkig niet voor de hoogtepunten. Bon Iver op Take Root een paar jaar geleden bijvoorbeeld. “Toen ben ik voor het podium gaan staan. Dat je na afloop echt het gevoel hebt: ik ben klaar hier, wat moet ik nog? Over, uit. Het was gewoon zo mooi, bloedje mooi.”
Of countrylegende Willie Nelson. Nelson en crew verbleven in toerbussen in plaats van kleedkamers, waarbij iedere bus een eigen naam had. “Willie wilde na de show even een praatje maken. Gewoon even kennis maken, belangstellend, hoe het was. Dat maak je niet vaak mee, da’s te gek. Willie Nelson is gewoon een heel warme man.” Dat persoonlijke contact is iets dat Sikkema af en toe wel mist, in dat opzicht is de muziekwereld in de loop van de tijd toch vluchtiger, zakelijker geworden.

Verder noemt hij met name het organiseren van festivals: Eurosonic Noorderslag, Take Root etc. Hij vindt dat je bij dergelijke festivals vooral niet te veilig moet programmeren, je mag in Groningen best een smoel hebben. “Naast grote namen moet je juist de diepte in durven gaan met de programmering. Dit soort festivals is bedoeld om ontdekkingen neer te zetten, om mensen te laten kennismaken met nieuwe dingen.”

Eurosonic/Grunnsonic
Dat is ook precies de kracht van Eurosonic. Het is een showcasefestival, het grootste van Europa. Bands die op dat moment vaak alleen in hun thuisland enige bekendheid genieten, presenteren zich hier tijdens het festival aan een groot publiek. Het wordt internationaal dan ook met grote belangstelling gevolgd. Met zo’n 3000 muziekprofessionals uit de hele wereld, in totaal 18.000 bezoekers en radio-, tv- en internetuitzendingen in heel Europa is het een media-evenement van formaat.

Middels Grunnsonic biedt het festival ook Groninger bands een podium. En met succes. “Aan iemand van de BBC werd eens gevraagd: Wat was de beste band van het afgelopen weekend? Hij zei: “Propeller! Geweldig!” En die band stond bij Grunnsonic.” Het leverde in het verleden ook regelmatig internationale boekingen op voor Groninger acts, zoals bijvoorbeeld Krause.

Oosterpoort
Sinds hij als programmeur begon in de Oosterpoort is er het nodige veranderd, mede door zijn toedoen. “De Oosterpoort was vroeger een klassiek muziekcentrum met af en toe een popconcert, nu is het zo’n beetje het enige muziekcentrum in Nederland dat zo'n actieve popprogrammering heeft.” Het bekleedt daarmee lange tijd uniek in Nederland, omdat de meeste muziekcentra nog steeds vooral klassieke muziek programmeren. “Wat we hier opgebouwd hebben is wel bijzonder voor deze tijd. Er wordt zeker naar ons gekeken.” Met het Cross-Linx Festival, dat hij in 2011 voor het eerst ook naar Groningen heeft weten te halen worden beide muzikale werelden samengebracht.
“Mijn doel is dat alles wat relevant is naar Groningen komt. Dat lukt nooit, maar het is wel een mooi streven. De Oosterpoort moet daarbij wel aanvullend zijn op de rest van het aanbod in de stad”, aldus Sikkema. “We moeten vooral niet gaan concurreren met Vera en Simplon. Daarvoor is de stad te klein.”

Lokaal talent
De muziekwereld is de afgelopen 25 jaar aan grote veranderingen onderhevig geweest, denk aan de impact van internet. Muziek vanuit de hele wereld is nu op ieder moment, op iedere lokatie te bekijken en beluisteren. Tegelijkertijd maakt dat het voor een muzikant lastig zich te onderscheiden van al die andere muzikanten. Desalniettemin zijn er de afgelopen jaren volgens Sikkema steeds meer goede lokale acts opgestaan. Noisia en Krause vindt hij goede voorbeelden, maar ook The Black Atlantic, Flux, The Monroes, MakeBelieve en We Swim You Jump zetten volgens hem Groningen op de kaart.
Een sluitende verklaring heeft hij daar niet voor, maar uiteindelijk draait het om de muziek en daarin zie je volgens hem altijd een internationale golfbeweging. “Engeland had een paar jaar geleden met The Arctic Monkeys, Franz Ferdinand en anderen alle aandacht op zich gevestigd, nu is het daar weer wat rustiger en is het Amerika wat de klok slaat, en Europa.”

De toekomst
Programmeren in de Oosterpoort is een parttime baan. Daarnaast heeft hij een eigen bedrijf, 050 Music, programmeert hij mede voor het Bevrijdingsfestival in Groningen, voor Noorderzon en Eurosonic Noorderslag. Organisatie van concerten doet hij nu en dan voor Mojo en Martiniplaza.
Zijn ambities zijn vooral gericht op de stad. De Oosterpoort is een ideaal podium, maar wat kan er nog meer in de stad? Eurosonic vindt hij een goed voorbeeld van stadsprogrammering, maar ook Noorderzon slaat de laatste jaren haar vleugels uit buiten het Noorderplantsoen.
Hoewel het muziekaanbod en podiumcircuit in de stad goed zijn, kan het altijd beter. Met name op provinciaal niveau valt er nog veel te winnen. Daarin is volgens Sikkema een belangrijke rol weggelegd voor de provinciale popkoepel PopGroningen. Voor acts in de omgeving van Groningen kan dan ook veel meer gedaan worden.

Heeft hij nog wel tijd over voor hobby’s die niet met muziek te maken hebben? Hij antwoordt resoluut: nee! “Dit is mijn hobby én mijn werk. Dat is wel heel intensief. Maar ik heb ook geen tijd om over hobby’s na te denken, dus dat scheelt weer.”

Tekst: Gert Plas
Interview: Patricia Ottay en Gert Plas